NL EN
Actualiteit

DGA toch verplicht verzekerd in familiebedrijf

Een DGA is onder andere niet verzekerd voor de sociale verzekeringen als zijn bloed- of aanverwanten ten minste tweederde van de aandelen bezitten van de vennootschap. De Hoge Raad (HR) heeft in een arrest van 22 maart 2013 beslist dat voor dit ‘2/3-criterium’ het aandelenbezit van de DGA zelf niet meetelt. De Belastingdienst dacht hier in het verleden anders over.

Verzekeringsplicht DGA

Een DGA is in de regel niet verplicht verzekerd voor de werknemersverzekeringen WW, WIA en ZW. In de ‘Regeling aanwijzing directeur-grootaandeelhouder’ is geregeld wie als DGA kwalificeert. Dit is:

  • a. de bestuurder die, al dan niet tezamen met zijn echtgenoot, houder is van aandelen die tenminste de heft van de stemmen in de algemene vergadering van de vennootschap vertegenwoordigen;
  • b. de bestuurder die, al dan niet tezamen met zijn echtgenoot, houder is van een zodanig aantal aandelen dat, indien in de statuten is bepaald dat het besluit tot schorsing of ontslag van deze bestuurder slechts mag worden genomen met een versterkte meerderheid in de algemene vergadering van de vennootschap, de overige aandeelhouders niet over die versterkte meerderheid beschikken;
  • c. de bestuurder, die in de algemene vergadering van de vennootschap allen een gelijk of nagenoeg gelijk aantal stemmen kunnen uitbrengen;
  • d. de bestuurder van een vennootschap waarvan tenminste tweederde deel van de aandelen worden gehouden door zijn bloed- of aanverwanten tot en met de derde graad.

Wordt aan een van deze voorwaarden voldaan, dan is de DGA dus niet verzekeringsplichtig. In het arrest van de HR van 22 maart 2013 stond de uitleg van punt ‘d’ centraal.

HR 22 maart 2013, casus

Belanghebbende is DGA en houdt 48% van de aandelen in een BV. Zijn dochter houdt 26% van de aandelen. De aandeelhouders hebben besloten de activiteiten van de BV stop te zetten en belanghebbende te ontslaan. Belanghebbende vraagt vervolgens een werkloosheidsuitkering aan. Het UWV weigerde deze uitkering. Volgens het UWV was belanghebbende namelijk geen DGA in de zin van ‘Regeling aanwijzing directeur-grootaandeelhouder’. Belanghebbende bezat namelijk tezamen met zijn dochter meer dan tweederde van de aandelen. Belanghebbende was het met deze beslissing niet eens en legde deze voor aan de rechter.

Oordeel Hoge Raad

Volgens de Hoge Raad moet onder ‘aandelen die in bezit zijn van bloed- en aanverwanten’ niet worden verstaan de aandelen die door de DGA zelf worden gehouden. Aangezien de dochter slechts 26% van de aandelen bezat, was dus niet voldaan aan de voorwaarden van onderdeel ‘d’ van de Regeling aanwijzing directeur-grootaandeelhouder’

Aan onderdeel ‘a’ van de Regeling aanwijzing directeur-grootaandeelhouder was evenmin voldaan. Belanghebbende zelf bezat namelijk niet 50% van de aandelen. De HR stelde belanghebbende dus in het gelijk en deze had dus recht op WW.

Belang praktijk

Met dit arrest haalt de Hoge Raad een streep door het huidige beleid van de Belastingdienst. Dit kan betekenen dat DGA`s in het verleden ten onrechte als niet verzekeringsplichtig zijn aangemerkt. Deze onjuistheid zal dus moeten worden gecorrigeerd. Op dit moment is nog niet duidelijk welke actie de Belastingdienst zal gaan ondernemen, maar het is zonder meer verstandig om in die gevallen waarbij de aandelen over meerdere familieleden zijn verdeeld de (al dan niet) verzekeringsplicht opnieuw te laten beoordelen.

Meer informatie?

Heeft u vragen over de verzekeringsplicht voor dga's? Neem hiervoor contact op met één van onze bedrijfsjuridisch adviseurs.