NL EN
Opinie

Belangrijke wijziging regels btw voor reisbureaus

Bob van der Steen Bob van der Steen

De Belastingdienst heeft een nieuw besluit uitgevaardigd met betrekking op de reisbureauregeling. Dit besluit vervangt en actualiseert het besluit van 22 maart 2012, nr. BLKB 2012/272M over de reisbureauregeling in de omzetbelasting. In dit besluit is onder meer een overgangsregeling opgenomen in verband met een ruimere uitleg van het begrip ‘reiziger’. Verder is de goedkeuring om het 0%-tarief toe te passen op bepaalde vormen van personenvervoer binnen de Europese Unie uitgebreid. Daarnaast is een aantal redactionele aanpassingen doorgevoerd. In dit artikel besteden wij aandacht aan het ruimere begrip ‘reiziger’ en de uitgebreide toepassing van het nul tarief.

Uitgebreid begrip reiziger : Reiziger kan ook ander reisbureau zijn!

De reisbureauregeling is van toepassing op handelingen van reisbureaus voor zover de reisbureaus op eigen naam tegenover de reiziger handelen en zij voor de totstandkoming van de reizen gebruikmaken van leveringen van goederen en diensten van andere ondernemers. Het begrip "reisbureau" moet ruim worden uitgelegd. Iedere ondernemer die op eigen naam de bedoelde (reis)diensten verkoopt wordt aangemerkt als "reisbureau".

In het arrest van het HvJ van 26 september 2013, zaak C-189/11, ‘Europese Commissie tegen Koninkrijk Spanje’ is geoordeeld dat het begrip ‘reiziger’ voor de reisbureauregeling een ruimere betekenis heeft dan de ‘eindconsument’. Het begrip reiziger kan elk soort klant omvatten.

De reisbureauregeling moet daarom ook worden toegepast op reishandelingen die reisbureaus, met gebruikmaking van goederen en diensten van andere ondernemers, op eigen naam aan andere reisbureaus verrichten. In Nederland werd tot voornoemd arrest aangenomen dat het begrip ‘reiziger’ als de eindconsument uitgelegd moest worden.

Goedkeuring

De Belastingdienst keurt onder voorwaarden goed dat de reisbureauregeling alleen van toepassing is op de verkoop van reishandelingen door een reisbureau aan een eindconsument. De Belastingdienst verbindt hieraan de volgende voorwaarden.

Voorwaarden:

a. De reishandelingen worden verricht op grond van een overeenkomst die uiterlijk op 30 september 2014 is gesloten;

b. De reishandelingen vinden uiterlijk op 31 maart 2015 plaats;

c. De btw-regels die gelden voor prestaties die niet onder de reisbureauregeling vallen, worden op de betrokken reishandelingen toegepast.

Let op: Het staat u vrij per direct in B2B situaties de reisbureauregeling toe te passen.

Let op: Dat uw leveranciers ook de reisbureau toepassen als dat volgens de nieuwe regels zou moeten. Dat betekent dat ze u géén btw berekenen. Doen ze dat toch, dan komt die btw niet voor aftrek in aanmerking.

Uitbreiding toepassing nultarief bij vlieg- en bootreizen

De dienst van het reisbureau is onderworpen aan het 0%-tarief voor zover de ingekochte reisonderdelen waarvoor het reisbureau een beroep doet op andere ondernemers buiten de Europese Unie worden verricht. Voor zover de reisonderdelen binnen de Europese Unie worden verricht, is de dienst van het reisbureau dat in Nederland is gevestigd belast tegen het algemene btw-tarief. De bevoegde inspecteur kan praktische afspraken maken over de wijze waarop wordt vastgesteld of de reisonderdelen binnen of buiten de Unie plaatsvinden. De maatstaf van heffing is de behaalde marge op de verkoop van de reis.

Ook voor vlieg- en bootreizen die onderdeel zijn van een reisdienst waarvan de plaats van bestemming of vertrek buiten de Europese Unie ligt (bijvoorbeeld Marrakesh of New York) heeft dit tot gevolg dat het gedeelte van de reis dat binnen de Europese Unie wordt afgelegd belast is met 21% btw over de daaraan toerekenbare winstmarge als het reisbureau in Nederland is gevestigd. Het gedeelte van de reis dat buiten de Europese Unie wordt afgelegd is belast met 0% btw over de daaraan toerekenbare winstmarge.

In de praktijk leidt het maken van een dergelijke splitsing bij vlieg- en bootreizen met de plaats van bestemming of vertrek gelegen buiten de Europese Unie tot uitvoeringsproblemen en een aanzienlijke verhoging van de administratieve lasten. De Belastingdienst keurt daarom het volgende goed.

Goedkeuring

De Belastingdienst keurt goed dat het 0%-tarief van toepassing is over het deel van het personenvervoer per vliegtuig of per boot (als onderdeel van een reisdienst in de zin van de reisbureauregeling) voor zover dat deel in de Europese Unie plaats vindt als de plaats van vertrek of bestemming van de reis buiten de Unie ligt. De Belastingdienst verbindt hieraan de volgende voorwaarden.

Voorwaarden

- Het personenvervoer per vliegtuig of boot vindt plaats op basis van één ticket dat het reisbureau van een andere ondernemer heeft ingekocht.

- Het personenvervoer per vliegtuig of boot betreft een rechtstreekse reis tussen een Unie lidstaat en een derde-land of vice versa. Het "rechtstreekse" karakter van de reis gaat niet verloren als andere (lucht)havens binnen het gebied van de Unie worden aangedaan om nieuwe reizigers op te laten stappen. Daarbij mogen de eerder opgestapte reizigers het vliegtuig / de boot niet verlaten.

De goedkeuring geldt niet als reizigers het vliegtuig / de boot wel mogen verlaten. De reis wordt dan niet aangemerkt als een rechtstreekse reis. De winstmarge die toerekenbaar is aan het deel van een reis, die niet rechtstreeks tussen een Unie lidstaat en een derde-land of vice versa plaatsvindt, dat binnen de Unie wordt afgelegd, is belast met btw naar het algemene tarief.

Deze opinie van Bob van der Steen, Hoofd BTW en douane werd gepubliceerd op 4 augustus via LinkedIn.