NL EN
Prinsjesdagspecial belastingplan 2014

Maatregelen voor de werkgever en werknemer

Deze voorgestelde maatregelen zullen per 1 januari 2014 in werking treden, tenzij anders vermeld.

  • Stamrecht in één keer laten uitkeren
  • Ook in 2014 crisisheffing
  • Geen woord over werkkostenregeling belastingplan
  • Arbeidskorting aangepast
  • Heffingskorting
  • Bijdrage wettelijke zorgverzekeringen buitenland

Wilt u weten wat deze nieuwe maatregelen voor uw organisatie betekenen en welke kansen het biedt?

Neem dan direct contact op met onze specialisten voor een gesprek.

Stamrecht in één keer laten uitkeren

Bestaande stamrechten die onder de stamrechtvrijstelling vallen hoeven niet meer in periodieke termijnen te worden uitgekeerd. Voorgesteld wordt om de mogelijkheid te creëren om bestaande stamrechten zonder heffing van revisierente, ineens uit te laten keren. Daarbij wordt geen onderscheid gemaakt tussen een stamrecht dat is ondergebracht in een stamrecht-bv, bij een beleggingsinstelling, een bank of een verzekeraar. De uitkering wordt in haar geheel in box 1 belast.

Als de aanspraak in 2014 ineens wordt uitgekeerd, betaalt men belasting over slechts 80% van het totale uitgekeerde bedrag. Maar let op, per 1 januari 2014 vervalt de fiscale facilitering van nieuwe stamrechten. De stamrechtvrijstelling wordt per die datum afgeschaft. Dit betekent dat wie vanaf 1 januari 2014 vergoedingen ter vervanging van gederfd of te derven loon ontvangt, in het jaar van ontvangst te maken krijgt met een inkomstenbelastingheffing in box 1 over het volledige bedrag.

Tip!
Wellicht kunt u de financiële gevolgen van de afschaffing van de stamrechtvrijstelling opvangen door gebruik te maken van de middelingsregeling in de inkomstenbelasting. U dient hiervoor een schriftelijk verzoek in te dienen bij de Belastingdienst.

Tip!
Overweegt u op basis van deze voorstellen het stamrecht in één keer te laten uitkeren in 2014? Onderzoek of deze uitkering in het oorspronkelijke doel van het stamrecht past.

Ook in 2014 crisisheffing

De pseudo-eindheffing voor hoge lonen wordt met één jaar verlengd. Dit betekent dat werkgevers ook in 2014 een heffing van 16% moeten afdragen over het loon van een werknemer voor zover dat loon het bedrag van € 150.000 overstijgt. Het gaat dan om het loon waarover in 2013 loonbelasting is geheven.

Let op!
Veel werkgevers hebben bezwaar gemaakt tegen deze heffing. In veel gevallen is een vaststellingsovereenkomst gesloten waardoor bezwaarschriften worden afgedaan op basis van de uitkomst van een aantal proefprocedures. Ook tegen de heffing in 2014 kan bezwaar worden gemaakt.

Geen woord over werkkostenregeling belastingplan

In het belastingplan en ook de overige fiscale maatregelen staat geen woord hoe de werkkostenregeling in de toekomst wordt ingevuld.
Verwacht werd dat naar aanleiding van de beleidsnotitie ‘Aan het werk met de werkkostenregeling’ belangrijke aanpassingen zouden worden bekendgemaakt om de werkkostenregeling beter aan te laten sluiten op de praktijk. Voorbeeld is de invoering van een ‘noodzakelijkheidscriterium’: voorzieningen die noodzakelijk zijn voor het uitoefenen van de dienstbetrekking, zouden dan buiten het forfait van de werkkostenregeling vallen.

De Tip!
Aangezien de verplichte overgang naar de werkkostenregeling met één jaar is uitgesteld, adviseren wij u om de administratieve en arbeidsrechtelijke gevolgen nader te bezien en of de overgangsregeling tot een voordeliger uitkomst leidt.

Arbeidskorting aangepast

Het maximum van de arbeidskorting wordt in 2014 verhoogd met €374. Daarnaast wordt voor de hogere inkomens de arbeidskorting in drie stappen afgebouwd tot nihil, met als resultaat dat men in 2017 vanaf een inkomen van ongeveer €110.000 geen recht meer heeft op arbeidskorting.

Heffingskorting

De algemene heffingskorting wordt verhoogd met €99 tot €2097. Daar staat tegenover dat deze met 2% wordt afgebouwd vanaf het begin van de tweede schijf tot het einde van de derde schijf. De afbouw zal verder gaan na 2014. In 2014 bedraagt de heffingskorting voor inkomens vanaf de vierde tariefschijf €1363.

Bijdrage wettelijke zorgverzekeringen buitenland

Sinds 1 januari 2013 behoort de inkomensafhankelijke bijdrage voor de zorgverzekeringswet niet meer tot het fiscaal loon van de werknemer. Voor in het buitenland verschuldigde werkgeversbijdragen die vergelijkbaar zijn met de Nederlandse bijdrage ZKV was nog geen verwijzing gemaakt. Met de nieuwe wettelijke aanvulling, behoort nu ook de inkomensafhankelijke bijdrage van de werkgever aan een vergelijkbare buitenlandse verzekering niet tot het loon en mag dus belastingvrij vergoed worden aan de werknemer.

Dit is een belangrijke wijziging als de sociale verzekeringsplicht buiten Nederland ligt, zoals bij een internationale uitzending of salary-split. Voor de overige buitenlandse sociale premies gelden bijzondere regels in hoeverre deze belast of aftrekbaar zijn bij de bepaling van het Nederlands belastbaar loon.