Tax

Europese Anti Tax Avoidance richtlijn definitief

Niels van den Akker Niels van den Akker

Op 21 juni 2016 heeft België als laatste lidstaat van de Europese Unie (EU) ingestemd met de Europese richtlijn tegen belastingontwijking, met als gevolg dat de definitieve invoering van de richtlijn nog slechts een hamerstuk is. De richtlijn brengt een hervorming van de vennootschapsbelasting in de lidstaten van de EU teweeg, maar wat houdt deze richtlijn in? En welke gevolgen heeft dit voor uw organisatie?

Vijf specifieke gebieden

De anti-belastingontwijkingsrichtlijn bevat regels ter bestrijding van belastingontwijkingspraktijken die grensoverschrijdende ondernemingen creëren doordat zij gebruik maken van de leemtes tussen de verschillende nationale belastingstelsels. De richtlijn bevat anti-misbruikbepalingen op vijf specifieke gebieden, namelijk:

  1. aftrekbaarheid van rente;
  2. exit heffingen;
  3. regels inzake gecontroleerde buitenlandse vennootschappen (Controlled Foreign Company-regels;
  4. algemene anti misbruik regels;
  5. en een kader om hybride mismatches aan te pakken.

De zogenaamde switch-over bepaling is op de valreep niet opgenomen in de richtlijn.

De richtlijn moet ervoor zorgen dat internationaal opererende organisaties door middel van grensoverschrijdende structuren geen voordelen meer behalen, zoals dubbele aftrek van kosten, of dat inkomsten onbelast blijven.

Al eerder had de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) aanbevelingen voor dergelijke anti-misbruikbepalingen gedaan, echter heeft de OESO geen wetgevende macht. De Europese Unie heeft wel een wetgevende bevoegdheid en is daardoor het orgaan om deze aanbevelingen om te laten zetten in nationale wetgeving. De richtlijn is dan ook bedoeld als een uitwerking van verscheidene punten uit het Base Erose and Profit Shifting (BEPS) project van de OESO in Europese wetgeving om te zetten.

Minimum standaarden

De bepalingen in de richtlijn zijn zogeheten minimum standaarden. Dit betekent dat de lidstaten bij de implementatie van deze bepalingen in nationale wetgeving strengere regels mogen stellen, mits zij hierbij binnen het kader van het Europese recht blijven. De lidstaten moeten uiterlijk op 1 januari 2019 de bepalingen uit de richtlijn omzetten in nationale wetgeving. Met uitzondering van de renteaftrekbeperking die uiterlijk in 2024 moet worden zijn ingevoerd.

Doel bereikt?

Hoewel de richtlijn harmonisatie binnen de Europese Unie beoogd te bereiken, is de verwachting dat de richtlijn juist het tegenovergestelde tot gevolg heeft. Doordat de richtlijn enkel bestaat uit minimum standaarden, biedt het de Europese landen veel ruimte om eigen regels op te stellen. Europese organisaties worden hierdoor geconfronteerd met 28 verschillende regelingen, aangezien elk land zijn eigen invulling aan de bepalingen van de richtlijn kan geven. In plaats van harmonisatie kan dit juist tot een versplintering van de regels binnen Europa leiden.

Het is nu afwachten hoe de verschillende Europese landen de bepalingen uit de richtlijn in hun nationale wetgeving implementeren, om de gevolgen duidelijk te kunnen schetsen. Het is in ieder geval zeker dat deze richtlijn grote veranderingen teweeg brengt voor het Europese bedrijfsleven.

Hebt u vragen over de anti-belastingontwijkingsrichtlijn? Neemt u dan contact op met één van onze International Tax specialisten.

Co-auteur: Fabien Tolhuis