Legal

Slapende arbeidsovereenkomst zieke werknemer; laten slapen?

In een recent artikel in de Volkskrant werd de suggestie gewekt dat wanneer een werkgever de arbeidsovereenkomst met een langdurig zieke werknemer niet beëindigt, deze geen transitievergoeding verschuldigd is. De arbeidsovereenkomst wordt dan gecontinueerd zonder loondoorbetalingsplicht.

Naar aanleiding hiervan zijn Kamervragen gesteld. Minister Asscher heeft geantwoord dat het op deze manier onder de betaling van de wettelijke transitievergoeding na 2 jaar dienstverband uit proberen te komen getuigt van ‘onfatsoenlijk werkgeverschap’. De werknemer kan volgens minister Asscher in een procedure in zo’n situatie naast de transitievergoeding ook een acceptabele vergoeding vorderen.

Rechtspraak

Inmiddels lijkt het er op dat de kantonrechter het niet eens is met de uitspraak van de minister. In een drietal zaken* dit jaar heeft de kantonrechter uitspraak gedaan over de vraag of de werkgever de arbeidsovereenkomst in stand mocht laten om betaling van de transitievergoeding te vermijden.

In alle 3 de zaken is door de kantonrechter geoordeeld dat het een werkgever vrij staat om een arbeidsovereenkomst van een langdurig arbeidsongeschikte in stand te laten. Zelfs als de reden hiervoor het niet verschuldigd willen zijn van een transitievergoeding is. Het in stand laten van een arbeidsovereenkomst met een langdurig arbeidsongeschikte werknemer is dus mogelijk; na 2 jaar hoeft het loon niet meer doorbetaald te worden.

Risico’s

Wanneer de werknemer weer (gedeeltelijk) arbeidsgeschikt wordt, is het mogelijk dat deze claimt hem weer toe te laten met doorbetaling van het salaris. In beginsel is de werkgever verplicht om, wanneer dit voorhanden is, de werknemer passende arbeid aan te bieden. 

Conclusie

Een werkgever mag dus een slapende arbeidsovereenkomst met een langdurig zieke werknemer “laten slapen” zonder dat de verplichting bestaat op betaling van een transitievergoeding. Het bovengenoemde risico blijft wel aanwezig en zal per geval moeten worden afgewogen.

*kantonrechter Gouda 21 oktober 2015 (zaaknr. 4406849)
  kantonrechter Rotterdam 6 november 2015 (zaaknr. 4517324)
  kantonrechter Almere 2 december 2015 (ECLI:NLRBMNE:2015:8495)