Tax

Sneller uw btw terug bij oninbare vorderingen

Robert-Jan Brethouwer Robert-Jan Brethouwer

De Belastingdienst gaat het makkelijker maken om betaalde btw op oninbare vorderingen terug te vragen. Iedere ondernemer krijgt of heeft er helaas mee te maken. Afnemers die niet betalen zijn één van de grote ergernissen van het ondernemerschap. 

De meeste ondernemers moeten de btw aan de Belastingdienst betalen in het tijdvak dat zij een factuur uitreiken. Als uw afnemer dan niet betaalt, is dat dubbele pech. De rekening wordt niet betaald, maar u heeft wel de btw al aan de Belastingdienst moeten betalen. U kunt die btw terugvragen bij de Belastingdienst, maar dat kost u nu nog veel moeite. "De Belastingdienst gaat dit makkelijker maken en dat werd tijd wat ons betreft," aldus Robert-Jan Brethouwer, btw-adviseur bij Grant Thornton.

Huidige situatie

Robert-Jan Brethouwer: "In de praktijk merken wij dat het terugvragen van btw op oninbare vorderingen vaak leidt tot discussies met de Belastingdienst. Met name over het moment van oninbaarheid." Naast eventuele discussies dien je het teruggaafverzoek ook op een, voor de ondernemer, onpraktische manier in. "Je mag deze btw op oninbare vorderingen niet terugvragen via de reguliere aangifte, maar je moet een afzonderlijk teruggaafverzoek indienen. Kortom een zeer onpraktische en onduidelijke regeling. Het goede nieuws is dat het kabinet van plan is om deze regeling met ingang van 1 januari 2017 flink te vereenvoudigen."

Situatie per 1 januari 2017

  • Het recht op teruggaaf ontstaat in ieder geval als de factuur 1 jaar na opeisbaarheid nog niet is betaald. Als ondernemer krijg je dus meer zekerheid over wanneer je de btw op oninbare vorderingen kan terugvragen.
  • Als een oninbare vordering later alsnog (gedeeltelijk) wordt voldaan, wordt de corresponderende btw opnieuw (gedeeltelijk) verschuldigd.
  • Een zeer welkome verandering is dat het bedrag van de teruggaaf in mindering kan worden gebracht op de periodieke btw-aangifte. Het is dus niet meer nodig om een afzonderlijk verzoek in te dienen.
  • Er komt een overgangsregeling waardoor de nieuwe regels ook gelden voor vorderingen van voor 1 januari 2017, waarbij de 1-jaarstermijn begint te lopen op 1 januari 2017.

"De voorgestelde wijzigingen zijn erg welkom voor ondernemend Nederland. Het is goed om te zien dat de overheid streeft naar een snellere en eenvoudigere procedure voor teruggaaf van btw op oninbare vorderingen. Wij verwachten dat het voorstel wordt opgenomen in het Belastingplan 2017, waardoor deze regeling in werking treedt per 1 januari 2017," voorspelt Robert-Jan Brethouwer.

Wij houden u op de hoogte van verdere ontwikkelingen op dit gebied. Indien u vragen heeft, neemt u dan contact op met onze btw-adviseurs.