Healthcare

Uitlenen van artsen niet onder medische btw-vrijstelling

De conclusie van advocaat-generaal (A-G) Wattel in een beroep in cassatie van een besloten vennootschap is dat het uitlenen van artsen niet onder de medische btw-vrijstelling valt. De vennootschap leende basisartsen en medisch specialisten uit aan ziekenhuizen.

De artsen waren in dienstbetrekking bij een BV die een rechtsbetrekking was aangegaan met de ziekenhuizen. De vraag was of die dienstverlening gezien kan worden als gezondheidskundige verzorging van de mens. Dit naar aanleiding van artikel 11, eerste lid, letter g van de Wet OB.

Verschil met eerdere jurisprudentie

Het Hof oordeelde dat de BV artsen aanbood die bij haar in loondienst waren. Die situatie is niet te vergelijken met de diensten door specialistenmaatschappen of medische diensten via een eigen praktijk-BV.

De A-G onderschrijft de uitspraak van het Hof en is van mening dat het personeel van de BV in ondergeschiktheid opereert. Bovendien is de afnemer van die diensten niet de patiënt, maar het ziekenhuis en is de dienst niet medisch van karakter , maar faciliterend.

De artsen boden hun diensten dus niet zelfstandig aan, maar via hun werkgever, waardoor toepassing van de medische vrijstelling niet mogelijk was. De Hoge Raad moet nu oordelen.

Heeft u vragen over de toepassing van de btw-vrijstelling in uw specifieke situatie? Neemt u dan contact op met één van onze sectorspecialisten.