Legal

Uw afnemer betaalt niet? Denk aan het recht van reclame!

Steven Fierst van Wijnandsbergen Steven Fierst van Wijnandsbergen

Het eigendom van verkochte goederen die een leverancier aan zijn afnemer levert, gaat over op de afnemer zodra hij de goederen ontvangt, tenzij partijen dit anders afspreken. Als de afnemer niet betaalt en de leverancier op grond daarvan de overeenkomst ontbindt, dan moet de afnemer de goederen terug leveren. Omdat de ontbinding niet terugwerkt tot het moment waarop de overeenkomst is aangegaan, krijgt de leverancier het eigendom van de goederen pas terug op het moment dat deze aan hem zijn geretourneerd.

Afnemer failliet

Er ontstaat echter een probleem als de afnemer failliet gaat vóórdat hij de goederen heeft terug geleverd. In dat geval is de afnemer eigenaar gebleven en vallen de goederen in de faillissementsboedel.

De leverancier kan dan hooguit nog zijn vordering bij de curator indienen. En de praktijk leert dat dergelijke ‘concurrente’ vorderingen in de meeste gevallen niet worden voldaan. De verkoper is dan zijn goederen kwijt en blijft met een onbetaalde vordering achter.

Om dit risico te beperken, is het voor een leverancier dus van groot belang om hierover met zijn afnemer afspraken te maken.

Eigendomsvoorbehoud

Leveranciers bedingen daarom vaak een eigendomsvoorbehoud. Daardoor gaat het eigendom van de geleverde goederen pas op de afnemer over, op het moment dat hij deze heeft betaald. Gaat de afnemer nu failliet voordat hij de leverancier heeft betaald, dan kan de leverancier in beginsel zijn eigendom bij de curator opeisen. Vanwege het eigendomsvoorbehoud is de afnemer geen eigenaar van de goederen geworden en behoren deze dan ook niet tot de boedel.

Een dergelijk eigendomsvoorbehoud is meestal opgenomen in de algemene voorwaarden die de leverancier hanteert. Of meent te hanteren. De leverancier moet zijn algemene voorwaarden namelijk wel op de juiste wijze met zijn afnemer overeenkomen en dat gaat in de praktijk nog wel eens mis. Bijvoorbeeld als de voorwaarden niet of te laat aan de afnemer worden overhandigd of als de afnemer de voorwaarden afwijst en zijn eigen voorwaarden toepasselijk verklaart. Indien de afnemer de goederen vervolgens niet betaalt, staat de leverancier alsnog met lege handen. Of toch niet helemaal?

Recht van reclame

Het recht van reclame kan voor de leverancier dan alsnog uitkomst bieden. Door het inroepen van het recht van reclame wordt de koopovereenkomst ontbonden. Maar anders dan bij de algemene ontbinding, komt door het inroepen van het recht van reclame het eigendom van de verkochte goederen automatisch terug bij de leverancier. Dus nog voordat de afnemer de goederen heeft terug geleverd.

Het recht van reclame geeft een leverancier een aanmerkelijk sterkere positie, wanneer hij geleverde goederen die onbetaald zijn gebleven wil terugvorderen. Met name als zijn afnemer inmiddels failliet is. In plaats van aan te sluiten in de rij met concurrente schuldeisers om zijn goederen terug te kunnen krijgen, kan hij deze immers als eigenaar bij de curator opeisen.

Het recht van reclame is een wettelijk recht, het volgt uit de wet. In tegenstelling tot het eigendomsvoorbehoud, is het dus niet nodig om dit vooraf met uw afnemer overeen te komen. Heeft u als leverancier uw algemene voorwaarden niet toepasselijk verklaard? Of zijn uw voorwaarden (door uw afnemer of de curator) vernietigd of om een andere reden niet toepasselijk? Dan kunt u de goederen wellicht nog met succes opeisen door het recht van reclame in te roepen.

Voorwaarden recht van reclame

De wet stelt echter wel een aantal voorwaarden aan het inroepen van het recht van reclame.

Het recht van reclame is van toepassing bij koop en bij ruil van roerende zaken en kan worden ingeroepen als de afnemer in verzuim is met het betalen van de koopprijs. De roerende zaken moeten zich nog in dezelfde staat bevinden als bij de aflevering. Dit geldt overigens ook voor het eigendomsvoorbehoud. Aan de zaken mogen na de levering geen wijzigen zijn aangebracht, ze mogen niet zijn gemonteerd of verwerkt. Ook mogen de zaken niet zijn doorverkocht en geleverd aan een derde. Verder kan het recht van reclame slechts door een schriftelijke verklaring worden ingeroepen. Is uw afnemer inmiddels failliet, dan heeft de curator de keuze om het beroep op het recht van reclame te honoreren en de leverancier in staat te stellen om de zaken op te halen of om de geleverde zaken alsnog te betalen.

Voor het inroepen van het recht van reclame geldt een vrij korte vervaltermijn. Het inroepen moet binnen zes weken na opeisbaarheid van de koopprijs (het uitreiken van de factuur) plaatsvinden óf binnen zestig dagen na aflevering van de goederen. Daarna is het recht van reclame vervallen en kan het niet meer worden ingeroepen.

In dat geval kunt u zich wellicht nog wel met succes op een overeengekomen eigendomsvoorbehoud beroepen, daarvoor geldt geen wettelijke vervaltermijn.

Conclusie

Indien uw afnemer de door u geleverde zaken niet betaalt en uw vordering nog geen zes weken opeisbaar is of de zaken nog geen zestig dagen geleden zijn geleverd, dan is het ter beperking van uw schade aan te raden om direct het recht van reclame in te roepen. Uw afnemer - of de curator - als uw afnemer inmiddels failliet is, moet u vervolgens informeren of de zaken nog aanwezig zijn en zich nog in dezelfde staat bevinden als waarin deze werden afgeleverd en u eventueel in staat stellen om de goederen terug te nemen.

Het inroepen van het recht van reclame kan dus een effectief middel zijn om uw schade te beperken. Wees daarom alert en handel snel bij (dreigend) faillissement van uw afnemers.

Wilt u meer informatie over het recht van reclame of andere zekerheidsrechten? Neem hiervoor contact op met één van onze bedrijfsjuridisch adviseurs.