Actualisering Besluit uitlenen van zorgpersoneel

Actualisering Besluit uitlenen van zorgpersoneel

Robert-Jan Brethouwer
Door:
insight featured image
Op 15 juli 2022 heeft de Staatssecretaris van Financiën het Besluit ter beschikking stellen van personeel geactualiseerd. In dit Besluit licht de staatssecretaris toe onder welke voorwaarden personeel btw-vrij kan worden uitgeleend. Met name voor de zorg worden een aantal aanscherpingen doorgevoerd. Daarnaast biedt het Besluit ook kansen.
Onderwerpen

Belangrijkste wijziging: slechts beperkte opslag op brutoloonkosten mogelijk

De belangrijkste wijziging ten opzichte van het bestaande Besluit is de definitie van de ‘redelijke kostenvergoeding’. Bij verschillende vormen van btw-vrijgesteld detacheren van personeel geldt als voorwaarde, dat naast de brutoloonkosten, een redelijke kostenvergoeding mag worden berekend. Deze vergoeding wordt in dit Besluit gemaximeerd op 5 procent van de brutoloonkosten van de uitgeleende werknemer. Onze ervaring is dat dit percentage voor de praktijk te laag is. Alleen in een beperkt aantal gevallen (met name bij niet-structurele uitleen) zien wij binnen het Besluit mogelijkheden voor enige flexibiliteit.

Aanvullende wijzigingen voor zorginstellingen

Ten opzichte van het bestaande Besluit zijn ook de volgende wijzigingen relevant voor zorginstellingen:

  • Ondersteunend personeel kan ook met een vrijstelling van btw structureel ter beschikking worden gesteld.
  • Structurele uitleen is niet mogelijk bij een werknemer met een nul-urencontract en/of voor een variabel aantal uren.
  • Structurele uitleen is alleen mogelijk per specifieke medewerker en niet voor steeds wisselende personen.
  • Een werknemer kan structureel aan meerdere werkgevers worden uitgeleend. Het structurele wordt per inlener getoetst.
  • Als een werknemer structureel wordt uitgeleend, is de vrijstelling niet van toepassing op een eventueel variabel aantal extra uren waarin de medewerker wordt ingezet.

Nieuwe mogelijkheden bij samenwerking ziekenhuizen en Medisch Specialistisch Bedrijf (MSB)?

Het Besluit beschrijft dat het MSB van een ziekenhuis kwalificeert als een inrichting, zoals bedoeld in artikel 11, eerste lid, onderdeel c van de Wet op de omzetbelasting 1968. Dit wijkt af van het standpunt dat de Belastingdienst nu vaak inneemt.

Deze wijziging opent de mogelijkheid voor een ziekenhuis en een MSB om een beroep te doen op toepassing van het zogenoemde VAVO-arrest. Bij een succesvol beroep kan op onderlinge verrekeningen tussen ziekenhuis en MSB, een btw-vrijstelling worden toegepast, terwijl daar nu mogelijk nog btw-heffing aan de orde is.

Belang voor de praktijk

Het is belangrijk om op korte termijn de bestaande en eventueel gehanteerde standaard- detacheringscontracten te toetsen aan de nieuwe voorwaarden. Als overeenkomsten niet (langer) aan de voorwaarden voor toepassing van de vrijstelling voldoen, is het van belang om vast te stellen wat het effect is voor het verleden. Het Besluit is daar niet duidelijk over.

Wij raden ziekenhuizen met een MSB raden aan om na te gaan of zij voor die samenwerking een beroep op het VAVO-arrest kunnen doen om heffing van btw op onderlinge diensten te voorkomen.

Wenst u hierbij assistentie of heeft u vragen? Neem dan gerust contact op met onze healthcare specialisten.

Blijf op de hoogte!

Wij geven u graag nieuwe (internationale) inzichten op het gebied van financiën, bedrijfsvoering, strategie, governance, risk, compliance en meer.