NL EN
Tax

Onduidelijkheden rondom 30% regeling

De nieuwe 30% regeling die per 1 januari 2012 in werking is getreden, leidt tot vele vragen van, en discussie onder belanghebbenden en fiscalisten in de praktijk.

Advocaat- Generaal: 150 kilometergrens onder nieuwe 30% regeling niet strijdig met EU recht (HR (A-G), 01-05-2013, nr 12/05577)

Eén van de probleempunten betreft een nieuwe voorwaarde voor het verkrijgen van de 30% regeling. Deze voorwaarde houdt in dat (uitzonderingen daargelaten) de werknemer meer dan 150 kilometer van de Nederlandse landsgrens moet wonen gedurende ten minste 16 maanden in de periode van 24 maanden die voorafgaan aan het begin van zijn tewerkstelling in Nederland.

In de lagere jurisprudentie is een aantal zaken beslecht, zowel in het voordeel als het nadeel van de werknemer. Momenteel is echter een zaak aanhangig bij het hoogste rechtscollege, de Hoge Raad.

In deze laatstgenoemde zaak heeft de Advocaat-Generaal (de onafhankelijke adviseur van de Hoge Raad in lopende procedures) geconcludeerd dat de grensafbakening voldoende gerechtvaardigd is. De Hoge Raad zal hierover echter uiteindelijk zelf de definitieve beslissing moeten nemen.

Indien de 30% regeling niet van toepassing is, merken wij op dat er ruimte kan zijn om toch een aantal kosten onbelast te vergoeden (zoals dubbele huisvestingskosten, onderbouwde vergoedingen voor kosten van levensonderhoud, et cetera). In die gevallen kan het ontbreken van de 30% regeling dus voor een gedeelte gecompenseerd worden.

Driemaandstermijn tussen twee dienstverbanden fataal (Hof Amsterdam, 18-04-2013, nr 12/00109)

Indien een werknemer van baan verandert terwijl hij al een 30% regeling heeft, mag zijn 30% regeling worden overgezet naar de nieuwe werkgever. Daarbij is het echter cruciaal dat de periode tussen het einde van de voormalige dienstbetrekking, en de totstandkoming van de nieuwe arbeidsovereenkomst, korter is dan drie maanden. De feitelijke start van de dienstbetrekking kan dan later liggen. Werkgever en werknemer dienen bij het zoeken van een nieuwe baan goed op de hoogte te zijn van deze periode, om te voorkomen dat deze termijn abusievelijk wordt overschreden.

Latere vergoeding voor non-concurrentiebeding in Nederland belast (Hof Amsterdam, 18-04-2013, nr 11/00880)
In deze casus begon belanghebbende per 29 april 2003 te werken voor een Nederlandse werkgever Hij bezat tijdens zijn dienstbetrekking ook een zogenaamde Amerikaanse ‘greencard’. Onder de 30% regeling had hij bij zijn indiensttreding geopteerd voor de zogenaamde partiële binnenlandse belastingplicht.

Op 4 september 2003 werd hij benoemd tot bestuursvoorzitter van de onderneming en op 16 februari 2004 verhuisde hij naar Nederland. Op 27 april 2007 besloten de belanghebbende en de onderneming de arbeidsovereenkomst met ingang van 15 augustus 2007 te ontbinden. Belanghebbende werkte vanaf 6 juli 2007 al niet meer voor het bedrijf.

Op 7 juli 2007 vertrok hij uit Nederland naar een ander land, waarmee Nederland geen belastingverdrag kende. Sindsdien kwalificeerde hij niet langer als partieel binnenlands belastingplichtige in Nederland. In verband met de beëindiging van zijn functie ontving hij een totaalbedrag van circa 3 miljoen euro.

Van dit bedrag werd een termijn van 1 miljoen euro specifiek betaald als compensatie voor het non-concurrentiebeding. Dit bedrag werd eind 2007 (dus na zijn verhuizing naar het land waarmee Nederland geen belastingverdrag had gesloten) aan belanghebbende betaald.

Toelichting

In deze uitspraak staat de vraag centraal in welk land een betaling belast wordt die ziet op een non-concurrentiebeding. Het Hof besliste dat de vergoeding toerekenbaar is aan de werkzaamheden die de belastingplichtige als bestuurder in Nederland heeft verricht. Dit betekent dat het bedrag in Nederland belast is ondanks dat de (ex-)bestuurder op de datum van betaling niet meer in Nederland woonde.

Het bedrag van 1 miljoen euro kon slechts voor een beperkt gedeelte niet in Nederland worden belast, omdat de bestuurder een gedeelte van zijn werkzaamheden in de periode 2003-2007 in het buitenland had uitgeoefend. Uiteindelijk werd 844.480 euro in Nederland belast.

Bij ontslagvergoedingen in grensoverschrijdende situaties zullen de feiten en omstandigheden steeds zorgvuldig moeten worden nagegaan, om te zien of de ontslagvergoeding (en andere soortgelijke beloningen) geheel of deels in het buitenland belast zijn. In 2006 heeft de Hoge Raad arresten gewezen waaruit blijkt op welke wijze de belastingheffing over ontslagvergoedingen in internationale situaties verdeeld moet worden.

Aangezien het vaak om substantiële bedragen gaat, is het voor zowel werkgever als werknemer van belang om de fiscale gevolgen in Nederland en overige landen vóór het sluiten van een beëindigingsovereenkomst volledig in kaart te brengen. Afhankelijk van wetgeving en jurisprudentie kan in sommige situaties een besparing van belasting worden bereikt door de ontslagvergoeding bijvoorbeeld deels toe te rekenen aan een ander land.

VS greencard houder

In een volgende HR Update zullen wij nader ingaan op de belastingpositie in Nederland van VS greencard houders en VS inwoners met betrekking tot hun inkomsten uit dienstbetrekking.

Heeft u nog vragen over de 30% regeling, neem dan contact op met uw vaste contactpersoon of met één van onze Global mobility services specialisten.