Maar liefst 86 procent van de gedwongen arbeid vindt plaats in de private sector en raakt sectoren variërend van dienstverlening, productie en landbouw tot de bouw. Dit betekent dat veel producten die vandaag worden gebruikt en geconsumeerd, direct gekoppeld kunnen zijn aan gedwongen arbeid.
Wat wordt beschouwd als gedwongen arbeid?
De Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) definieert gedwongen arbeid als “alle arbeid of dienst die van een persoon wordt geëist onder dreiging van een straf en waarvoor die persoon zich niet vrijwillig heeft aangeboden”. Dit omvat dwang door middel van bedreigingen, geweld, schuldbinding, het inhouden van identiteitsdocumenten of andere vormen van uitbuiting.
Nu de zorgen over gedwongen arbeid blijven toenemen, staan bedrijven onder groeiende druk van toezichthouders, investeerders en het publiek om hun toeleveringsketens te herzien en deze praktijken aan te pakken. Een van de belangrijkste ontwikkelingen is de EU‑verordening inzake dwangarbeid (Forced Labour Regulation, FLR).
Wat is de FLR?
De FLR verbiedt bedrijven om producten op de EU‑interne markt te brengen of vanuit de EU te exporteren als deze zijn vervaardigd met gebruik van dwangarbeid. Dit omvat ook producten die zijn gemaakt met gedwongen kinderarbeid. De verordening is van toepassing op alle bedrijven, sectoren en producttypen, ongeacht de herkomst van de goederen. De vereisten treden in werking op 14 december 2027. Bedrijven kunnen zich voorbereiden door passende due diligence uit te voeren.
In tegenstelling tot bredere verplichtingen voor corporate due diligence, zoals die onder de CSDDD of CSRD, legt de FLR geen algemene vereisten op bedrijfsniveau op. Het is in plaats daarvan een product‑gebaseerde markttoegangsverordening, vergelijkbaar met de EU‑ontbossingsverordening (EUDR), maar dan wereldwijd in scope en gericht op de aanwezigheid of het risico van gedwongen arbeid in elke fase van de levenscyclus van een product.
Reikwijdte van de FLR
De FLR is van toepassing op producten in alle fasen van hun levenscyclus, waaronder maar niet beperkt tot:
- productie, fabricage, oogst of verwerking
- zowel in de EU geproduceerde als niet‑in‑de‑EU geproduceerde goederen
- online‑ of afstandsverkopen, inclusief moderne retailkanalen
Vervoersdiensten zijn expliciet uitgesloten, waardoor de focus ligt op producten en hun componenten.
De verordening geldt voor alle bedrijven, aangeduid als marktdeelnemers, ongeacht hun omvang, sector of geografische locatie. Elk bedrijf dat producten op de EU‑markt brengt of goederen vanuit de EU exporteert, via fysieke verkoopkanalen of online platforms, valt binnen de scope.
Definitie van ‘marktdeelnemer’: Elke natuurlijke persoon, rechtspersoon of vereniging van personen die producten op de EU‑markt brengt, beschikbaar stelt of exporteert.
Kernfuncties van de FLR
- verbiedt dat producten waarvan vermoed wordt dat ze zijn vervaardigd met gedwongen arbeid, de EU‑markt betreden of erin circuleren
- geeft de Europese Commissie en nationale autoriteiten de bevoegdheid om onderzoek te doen en handhavingsmaatregelen te nemen, zoals verboden en het uit de handel nemen van producten (in de meeste lidstaten zijn de handhavende instanties nog niet openbaar bekendgemaakt)
Hoe zal de FLR in de praktijk werken?
Hoewel de regelgeving is vastgesteld, wordt binnenkort verdere guidance verwacht. De Europese Commissie publiceert uiterlijk op 14 juni 2026 implementatierichtlijnen die bedrijven meer duidelijkheid zullen geven. Ter voorbereiding hierop sloot de Commissie recent haar oproep voor input, waarbij 160 reacties werden ontvangen van belanghebbenden, waaronder bedrijven, maatschappelijke organisaties en onderzoekers.
De belangrijkste elementen van de verordening zijn echter al vastgesteld. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) heeft deze samengevat in een handig stroomdiagram. De kernstappen zijn:
![]()
Zodra een bedrijf gedwongen arbeid uit zijn toeleveringsketen heeft verwijderd, mogen de producten opnieuw de EU‑markt betreden.
De Europese Commissie heeft ook een concept‑uitvoeringsverordening gepubliceerd waarin staat hoe autoriteiten informatie zullen coördineren en uitwisselen tijdens FLR‑onderzoeken. Hoewel deze gericht is op toezichthouders en niet op bedrijven, zal deze wel invloed hebben op de manier waarop handhaving in de praktijk werkt.
De consequenties zijn duidelijk: het niet voldoen aan de FLR kan leiden tot operationele verstoringen en financiële schade. Vroege voorbereiding is essentieel.
Hoe en wanneer kun je je voorbereiden op de FLR?
Hoewel de EU‑richtlijnen nog worden gepubliceerd, kunnen bedrijven nu al beginnen met de voorbereiding om in 2027 aan de vereisten te voldoen. Het voldoen aan de FLR vereist due diligence die is afgestemd op internationale standaarden, zoals de OESO‑richtlijnen voor verantwoord ondernemen en de VN‑richtlijnen voor bedrijfsleven en mensenrechten.
Enkele no‑regret‑acties zijn:
- het in kaart brengen van risico’s in de toeleveringsketen en het identificeren van hoog‑risicogebieden
- het starten van gesprekken met leveranciers in hoog‑risicosegmenten
- het versterken van due diligence‑processen in lijn met de OESO‑standaard
- het voorbereiden op het snel kunnen documenteren en verstrekken van informatie tijdens onderzoeken
- het monitoren van de implementatierichtlijnen van de Europese Commissie en het aanpassen van interne procedures
Hoe kunnen wij helpen?
Bij Grant Thornton Impact House helpen we cliënten hun bedrijf toekomstbestendig te maken door effectieve due diligence‑systemen voor mensenrechten en milieu op te zetten. Van het in kaart brengen van de waardeketen tot risicoanalyses en processen voor leveranciersbetrokkenheid: we helpen organisaties bij het opzetten van een robuuste aanpak die ondersteuning biedt bij het voldoen aan verschillende regelgevende due‑diligencevereisten, waaronder de verordening gedwongen arbeid.
Wil je deze inzichten bespreken? Neem contact met ons op.
Neem contact op