Belastingplan 2020

Prinsjesdag 2019: welke fiscale maatregelen zijn al bekend?

Almer de Beer Almer de Beer

Dinsdag 17 september 2019 is het weer Prinsjesdag. Dan presenteert het kabinet het Belastingplan 2020. Een aantal fiscale maatregelen uit dit Belastingplan is al eerder bekend gemaakt. De meest in het oog springende hebben wij hieronder voor u op een rij gezet, zodat u zich fiscaal kunt voorbereiden.

Verlaging tarief vennootschapsbelasting

Vanaf 2019 gaat het tarief van de vennootschapsbelasting stapsgewijs omlaag. De eerste schijf (winsten tot en met 200.000 euro) wordt dan 19 procent, de tweede (winsten vanaf 200.000 euro) 25 procent. Vanaf 2020 dalen die tarieven naar 16,5 procent en 22,55 procent. In 2021 naar 15 procent en 20,50 procent.

Er gaan op dit moment echter geluiden dat de verlaging van het hoogste vpb-tarief een jaar wordt uitgesteld. In 2021 moet het vpb-tarief dan wel omlaag gaan, maar minder dan gepland.

Verhoging aanmerkelijkbelangheffing

Heeft een aandeelhouder een aandelenbelang van ten minste 5 procent in zijn vennootschap, dan is op hem het regime van box 2 van toepassing. Op dividenden en vervreemdingswinsten is hij dan 25 procent aanmerkelijkbelangheffing verschuldigd. Voorgesteld is om de aanmerkelijkbelangheffing te verhogen van 25 procent naar 26,25 procent in 2020. In 2021 gaat het tarief naar 26,90 procent.

Wet excessief lenen bij de eigen vennootschap

Door geld te lenen in plaats van als dividend uit te keren kan een directeur-grootaandeelhouder de aanmerkelijkbelangheffing (box 2) langdurig uitstellen. Dit is een doorn in het oog van het kabinet. Met het wetsvoorstel excessief lenen bij de eigen vennootschap wil hij dit aanpakken. Het voorstel komt er in het kort op neer dat een aanmerkelijkbelanghouder box 2-belasting moet betalen voor zover zijn schulden aan de eigen BV meer dan 500.000 euro bedragen. Uitgezonderd wordt onder voorwaarden de schuld voor de eigenwoningregeling van box 1.

De bedoeling is de wet in werking te laten treden per 1 januari 2022. Als peildatum geldt 31 december, waardoor het (fictief reguliere) voordeel in het jaar van inwerkingtreding per 31 december 2022 als inkomen uit aanmerkelijk belang in de heffing wordt betrokken.

Verhoging bijtelling privégebruik elektrische auto

De bijtelling vanwege het privégebruik van een elektrische auto van de zaak wordt verhoogd. Momenteel is deze bijtelling 4 procent over een cataloguswaarde tot en met 50.000 euro en 22 procent over het meerdere. Voor 2020 moet de fiscale bijtelling voor elektrische auto’s stijgen naar 8 procent voor zover de cataloguswaarde de 45.000 euro niet overschrijdt. In 2021 bedraagt de bijtelling 12 procent over de eerste 40.000 euro. De reguliere bijtelling blijft 22 procent bedragen. In de jaren na 2021 stijgt de bijtelling over de eerste 40.000 euro. In 2026 zou er dan geen onderscheid meer moeten bestaan tussen elektrische en andere auto’s van de zaak.

Bronbelasting op rente en royalty’s

De staatssecretaris van Financiën wil op Prinsjesdag een wetsvoorstel presenteren tot invoering van een bronbelasting op rente- en royaltybetalingen. Deze bronbetaling moet vanaf 2021 van toepassing worden op betalingen naar zogenoemde laagbelaste staten en in misbruiksituaties.

Beperking van belastingrente over vennootschapsbelasting

Is een vennootschap over behaalde winsten vennootschapsbelasting verschuldigd, dan kan de belastingdienst onder voorwaarden belastingrente (thans: 8 procent) berekenen over de nog niet voldane belastingschuld. Op dit moment is het echter zelfs zo dat belastingrente verschuldigd kan zijn indien de belastingplichtige op tijd en correct aangifte vennootschapsbelasting is gedaan. De staatssecretaris van Financiën vindt dit ongewenst. Momenteel wordt daarom onderzocht op welke wijze deze ongewenste belastingrente kan worden voorkomen. Mogelijk resulteert dit in een extra maatregel in het Belastingplan 2020.

Verruiming werkkostenregeling

De vrije ruimte wordt per 1 januari 2020 verhoogd van 1,2 procent naar 1,7 procent van de totale loonsom voor zover deze niet meer bedraagt dan 400.000 euro. Voor zover de totale loonsom de 400.000 euro overtreft, blijft de vrije ruimte 1,2 procent van de totale loonsom. Daardoor kunnen werkgevers vanaf 2020 dus 2.000 euro meer onbelast verstrekken aan hun werknemers. Het kabinet verwacht dat vooral het midden- en kleinbedrijf van deze maatregel profiteert.

Actualiteiten

Belastingplan 2020

Lees meer over andere wetsvoorstellen uit het Belastingplan 2020 of meld u aan voor één van onze kenissessies.

Bekijk onze Prinsjesdagspecial

Meld u aan voor onze nieuwsbrieven

Wij brengen u graag op de hoogte van nieuwe (internationale) inzichten op het gebied van financiën, bedrijfsvoering, strategie, governance, risk, compliance en meer.

Meld u aan