insight featured image
Ondernemers kunnen vanaf 31 augustus 2021 de TVL Q3 2021 aanvragen. De regeling staat open tot en met 26 oktober 17.00 uur. De TVL Q3 2021 blijft praktisch hetzelfde als de TVL Q2 2021. Ondernemers kunnen een aanvraag doen bij een minimaal omzetverlies van 30% en minimaal € 1.500 berekende vaste lasten per kwartaal (geen werkelijke vaste lasten). Het minimum subsidiebedrag is € 1.500. De RVO vergoed in het 3e kwartaal 100% van de berekende vaste lasten.
Onderwerpen

Mkb-bedrijven kunnen maximaal € 550.000 subsidie voor het 3e kwartaal ontvangen. Grote ondernemingen kunnen maximaal € 600.000 ontvangen voor het 3e kwartaal. In Q2 was dit eenmalig € 1,2 miljoen. Deze aanpassing is het enige verschil met Q2.

Startende ondernemers die voor 30 juni 2020 zijn ingeschreven in het Handelsregister van KVK kunnen ook TVL Q3 aanvragen.

Voor de land- en tuinbouwsector blijft de opslag voor speciale kosten voor het in leven houden van dieren en gewassen. Deze opslag van 21% komt bovenop de TVL-subsidie, met een totaal maximum van €225.000 voor de gehele coronaperiode.

Tip: Voor de TVL Q3 2021 is het mogelijk om als referentiekwartaal Q3 2020 te kiezen, in plaats van Q3 2019.

MKB of grote onderneming?

Voor de TVL Q3 2021 is het wederom van belangrijk om te weten of u een MKB-onderneming of een grote onderneming bent. Bent u bijvoorbeeld een grote onderneming en hoort u tot een groep? Dan is maar één aanvraag per groep mogelijk.

Voor de aanvraag van de TVL Q3 2021 moet u de volgende zaken bepalen:

Stap 1: Bepaal of u een MKB-onderneming of een grote onderneming bent.

Met behulp van de MKB-toets controleert u of u een MKB-onderneming of een grote onderneming bent. Het gaat hierbij om alle partnerondernemingen en verbonden ondernemingen in Nederland en het buitenland samen. In de hoofdregel zijn dit alle ondernemingen met een direct of indirect belang van 25% of meer.

Een mkb-onderneming voldoet daarbij aan de volgende criteria:

  • maximaal 250 fte in dienst én;
  • een netto omzet van maximaal € 50 miljoen en/of een balanstotaal van maximaal € 43 miljoen.

Een grote onderneming voldoet daarbij aan de volgende criteria:

  • meer dan 250 fte in dienst of;
  • een netto omzet van meer dan € 50 miljoen en een balanstotaal van meer dan € 43 miljoen.

Stap 2: Bepaal of u tot een groep behoort

Een groep verbonden ondernemingen is een aantal Nederlandse en/of buitenlandse ondernemingen zodanig verbonden dat ze samen een groep of concern vormen. Dat kan op verschillende manieren. Bijvoorbeeld een onderneming heeft meer dan 50% van de aandelen in een andere onderneming of een onderneming kan op hoofdlijnen instructies opleggen aan een andere onderneming.

Als u kwalificeert als grote onderneming en daarnaast ook tot een groep behoort, betekent dit dat u één aanvraag kan indienen per groep.

Stap 3: De aanvraag

Bij de aanvraag zijn er 4 mogelijkheden

  1. U bent een MKB-onderneming en behoort niet tot de groep: U hoeft bij uw aanvraag alleen rekening te houden met de gegevens van de MKB-onderneming
  2. U bent een MKB-onderneming en behoort wel tot een groep: Bij uw aanvraag moet u een aantal gegevens van alle ondernemingen aangeven die op het moment van aanvraag deel uitmaken van de groep, bijvoorbeeld het KvK-nummer. Voor de bepaling van de omzetdaling hoeft u geen rekening te houden met de groep.
  3. U bent een grote onderneming en behoort niet tot een groep: U hoeft bij uw aanvraag alleen rekening te houden met de gegevens van de grote onderneming.
  4. U bent een grote onderneming en behoort wel tot de een groep: U kunt één aanvraag indienen namens de gehele groep. LET OP: voor berekening van de omzetdaling van de groep zijn alleen de Nederlandse vennootschappen van belang.

Blijkt een mkb-onderneming toch een grote onderneming? Dan moet u uw aanvraag intrekken en een nieuwe doen. Als de indientermijn gesloten is, wijst de RVO uw aanvraag af. U krijgt dan de mogelijkheid om een nieuwe aanvraag in te dienen in de juiste categorie (grote onderneming of mkb). Als dit gebeurt, neemt de RVO contact met u op om te bespreken wat dit voor u betekent en welke mogelijkheden er zijn.

Accountantsverklaring

Om in aanmerking te komen voor de TVL Q3 2021, heeft u in sommige situaties een derdenverklaring of een accountantsproduct nodig.

Derdenverklaring: bij een aanvraag van € 25.000 of hoger én ingeschreven tussen 16 maart en 30 juni 2020

Als uw onderneming tussen 16 maart 2020 en 30 juni 2020 is ingeschreven in het Handelsregister en u vraagt € 25.000 of meer subsidie aan, heeft u bij de TVL-aanvraag een derdenverklaring nodig. Bij een aanvraag van € 125.000 of hoger heeft u (naast de derdenverklaring) een accountantsproduct nodig bij de aanvraag en bij de vaststelling.

Accountantsproduct: bij een aanvraag van € 125.000 of hoger

Doet u een aanvraag van € 125.000 of hoger? Dan moet u bij de voorlopige aanvraag EN bij de definitieve vaststelling een accountantsverklaring aanleveren.

Twijfelt u of u recht heeft op TVL?

Of weet u door alle uitzonderingen en aanpassingen niet meer aan welke voorwaarden u moet voldoen? Met behulp van de onderstaande tabel met de voorwaarden en verschillen van de TVL bepaalt u welke mogelijkheden voor u open staan en welke voorwaarden voor uw eventuele aanvraag gelden.

Meer weten?

Heeft u vragen over de Tegemoetkoming Vaste Lasten of over andere de maatregelen die de overheid heeft getroffen voor ondernemers in het kader van de coronacrisis? Neem dan contact op met ons coronateam.